Niemandsland, Kerst 1915

 

Een ijzige mist rolt over de loopgraven. 80 meter scheidt de aartsvijanden. Een onbegaanbaar stuk weiland, kapotgeschoten door artillerie dat vanachter de linies de vijand bestookte. Dikke Bertha’s die hun projectielen over de velden hebben uitgekotst en alles hebben vernietigd dat ooit menselijk was. Uiteengereten lichamen, verkoold, vergast, kapot geschoten. Soldaten in kleurige uniformen, esthetica voor functionaliteit. Gestorven met het hoofd omhoog, als er nog een hoofd was dat omhoog gehouden kon worden.
Stalen monsters, met uitstekende kannonen die dood en verderf joegen over de akkers, de vooruit gedreven vijand weggevaagd met vuurspuwende machines, geproduceerd om zo effectief mogelijk een einde aan leven te maken. Pure vernietiging, pure waanzin.

Afbeeldingsresultaat voor eerste wereldoorlog

De eerste houten vliegtuigen hadden laag over het slagveld gevlogen om de voortgang in kaart te brengen. Of eigenlijk om het gebrek aan vooruitgang te rapporteren aan het hoofdkwartier, dat zich op kilometers afstand van de voorste linies bevond. Een veilig onderkomen voor de officieren in hun smetteloze uniformen die poppetjes over een landkaart schoven. Spelen met mensenlevens. Het leven van een mens niets meer waard dan de gemene deler. Leven zonder betekenis. Een opoffering hier, voor een doorbraak daar.

Deze keer was de ijzige mist geen mosterdgasaanval, de dodelijke gele mist. Gevreesd door militairen van alle rangen. De mist die niet discrimineerde, maar iedereen gelijk maakte in de dood. Hevige stuiptrekkingen, stikken in je eigen braaksel. Zonder bescherming gedoemd. Wanneer de giftige wolk was weggetrokken, kreeg men het teken de vijand aan te vallen. De weg via Niemandsland was kort, maar vaak te lang om de overkant te halen. Zij die gek werden van angst, verstomd raakten door de onophoudelijke inslagen van de granaten, zij die hun vrienden voor hun ogen de dood ingejaagd zagen worden, lieten hun geweren vallen en draaide zich. Om neergeschoten te worden door hun eigen officier.

Maanden van gruwelijke veldslagen had 100 meter terreinwinst opgeleverd. 800.000 gesneuvelde soldaten, aan beide zijden. Hoeveel burgers en dieren er waren omgekomen, was niet bij te houden. Zij die konden, zochten hun heil ergens anders. Zij die niet konden, werden gedragen of op een houten kar gelegd om geduwd te worden. De winter was net zo dodelijk als het gas. De keuze was wreed: ga ik hier dood aan het gas, ga ik daar dood door honger en kou.
Honderdduizenden vonden een veilig heenkomen in een buurland dat neutraal was. Neutraal. Geen mening. Geen standpunt. Geen risico. Een vluchtelingenstroom die eindigde in kampementen in Zuid-Nederland. Een land zonder oorlog. Een veilig heenkomen. Steden die overspoeld werden door thuislozen, landlozen. Gedwongen vertrokken uit een verscheurd land.
Nederland, een goede buur, dat moest slikken dat sommige steden ‘opgezadeld’ werden met 100.000 vluchtelingen op een stad van 16.500 inwoners. Er zal vast veel over gepraat zijn, er zal best veel onvrede geweest zijn. Er zullen er zeker tussen hebben gezeten die zich niet aan de regels hielden, die van roven en moorden hun leven maakte.

Afbeeldingsresultaat voor kerst 1914

Vanuit de loopgraven klinkt een zacht gezang. De snijdende kou is verlammend en zorgt ervoor dat er niet gevochten kan worden. Kleine vuurtjes houden de mannen warm. De rantsoenen worden verorberd om het lichaam dat kleine beetje energie te geven om het zichzelf warm te houden. Het gezang neemt toe, de melodie herkenbaar. Kerstliederen, in alle talen.
Gezworen vijanden haken in en roepen naar elkaar.
Voorzichtig komen ze uit hun graven en wandelen over Niemandsland om elkaar de hand te schudden, een schouderklop, een sigaret delen. Samen over kerst te zingen. Ook al versta je elkaar niet, je begrijpt als geen ander.

Vandaag geen oorlog.

De man die gisteren nog op je vernietiging uit was, die rustig een bajonet tussen je ogen had willen steken, is nu degene die vraagt een partijtje voetbal te spelen.

De Duitsers winnen het potje voetbal, in de laatste minuut. Uiteraard.

Vandaag geen oorlog.
Vieren dat je leeft.
Een dialoog, gelach, heildronk,
Vrede voor een dag.

Morgen gaat de oorlog verder,
Bestoken we elkaar met granaten.
Als ik je morgen tegenkom,
Zal ik me niet inhouden.

Ik zal je niet herkennen.
Morgen ben je de vijand.
Dan is mijn vriend mijn vijand,
Wanneer hij me veroordeelt voor de vrede van vandaag.

354 totaal aantal vertoningen, geen vertoningen vandaag

Liefde zonder grenzen

De wereld staat in brand, het lijkt wel een titel voor een boek. Duizenden doden per dag, 65 miljoen mensen op de vlucht, kinderen die omkomen van de honger, sterven aan een gewoon griepje door gebrek aan vaccins, voedsel of onderdak, honderden mensen komen wekelijks om bij bomaanslagen of in het kruisvuur tussen politie en drugsbaronnen, of gewoon omdat ze met de ‘verkeerde’ huidskleur geboren zijn.
Als je dit zo leest, zul je, als je een beetje menselijkheid hebt, een paar keer goed hebben moeten slikken. Zo niet, lees het dan nog een keer en bedenk dat het hier gaat over vaders, moeders, zoons, dochters, opa’s, oma’s. Het menselijk drama achter wat eigenlijk allang geen nieuws meer is. Nieuws is iets dat je nog niet eerder wist; nieuwe ontwikkelingen in een bestaande zaak of iets dat je nog nooit eerder had gehoord. Anders had het Nieuws wel ‘Dingen die u allang wist of liever niet had willen weten’ met Noraly Beyer, geheten.

“Liefde zonder grenzen” verder lezen

681 totaal aantal vertoningen, geen vertoningen vandaag

Collectief herdenken

Hoe lang gaat het collectief geheugen mee?
Gisteren vierden we Bevrijdingsdag op Hemelvaartsdag, iets dat maar zelden gebeurt. De laatste keer was dat in 2005 – dus wat versta je onder zelden, de volgende keer dat dit gebeurt, is het jaar 2157 – over 141 jaar dus. Als de invriestechniek voor mijn uiterlijke houdbaarheidsdatum een beetje geoptimaliseerd is, zet ik mijn wekker voor 3 mei 2157. Niet eerder, je weet maar nooit hoe solide het lichaam blijft na ontdooiing. Het lijkt mij een beetje gênant om bij de aubade op het Raadhuisplein te staan, met mijn arm in de hand en hinkelend op een been. Ook niet later, ik heb nu al problemen met stramme spieren na een paar uur slapen of een tijdje in dezelfde houding zitten. Ik moet er niet aan denken als ik na 141 jaar moet opstaan uit mijn vrieskist. Misschien kan ik me voor die tijd nog opwerken tot rechter, zodat ik in 2157 kan roepen: ‘Ik heb de wet nooit overtreden. Ik ben de wet!’ Daarna mag ik best uit elkaar vallen.
Maar goed, collectief geheugen dus.
77 jaar geleden, op 1 september 1939, begon de oorlog in Polen. 10 mei 1940 begon die voor ons. 8 mei 1945 – VE-dag – eindigde de oorlog in heel Europa. 2 september 1945 – VJ-dag – was het einde in Japan en dus het feitelijke einde van de Tweede Wereldoorlog. De laatste Japanse soldaat gaf zich pas in 1975 over. Deze kwam er 30 jaar te laat achter dat de oorlog allang voorbij was, bizar.
Eigenlijk waren al eerder diverse gebieden ‘geannexeerd’ – waarom klinkt dat ook alweer zo bekend – door het regime, maar dat ging zonder zichtbare strijd. Het gewapende ‘conflict’ begon pas op 1 september 1939. Conflict klinkt wat braaf wanneer je bedenkt dat er ongeveer 72.000.000 mensen zijn gesneuveld. Maar éigenlijk begon de oorlog al na het einde van de Eerste Wereldoorlog.
Controversieel: De twee wereldoorlogen zou je kunnen beschouwen als één oorlog – met een adempauze van 20 jaar, die pas eindigde op 8 november 1989 met de val van de Berlijnse muur. Iets om over na te denken.
Oh jee, geschiedenis. Hou me tegen.
Maar goed, collectief geheugen dus.
Het is nu dus 71 jaar geleden dat ieder geval ons hele land bevrijd werd en wij sindsdien in vrede kunnen leven. Een kostbaar gegeven, toch.
Maar (die zag je aankomen natuurlijk), net als met alles wat je herdenkt zakt de pijn, het gevoel en de herinnering weg, maar echt vergeten doe je het natuurlijk niet. En net als met alles dat je voor lief neemt, valt de waarde van vrijheid weg als je niet weet wat het is om niet in vrijheid te leven. Je kunt wel zeggen dat ‘we’ in een vrij land leven, dat ‘we’ alles mogen zeggen in een vrij land en ‘we’ vrij zijn om iedereen te beledigen en dat de ander dat maar moet accepteren omdat je niet weet wat het is als je rechten worden ontnomen en je onder dwang moet leven. Mijn vrijheid is belangrijker dan de jouwe, zolang er maar geen consequenties zijn.
Het collectief geheugen gaat denk ik drie generaties mee:
Als een dierbare overlijdt, rouw je daar in de meeste gevallen om. Daar staat, ruim genomen, een periode voor van weken of maanden. Daarna word je geacht door te gaan met je leven. Je wordt hierdoor gedwongen door je omgeving. De generaties na jou zullen waarschijnlijk niet meer stilstaan bij het overlijden van jouw overgrootmoeder, omdat ze die alleen maar van verhalen kennen en er minder gevoel bij hebben dan jij.
Ik besef dat het heel erg kort door de bocht is natuurlijk, maar collectief rouwen zal in de basis net zoiets zijn. Mijn ouders zijn van ‘na de oorlog’, zij kennen het verdriet en de angst alleen van de verhalen en van de littekens van hun ouders; of ze nu meegevochten hebben, verzetsstrijders waren of tot aan hun dood elke eerste maandag van de maand onder de tafel doken als het luchtalarm afging.
Ik ben van een generatie waarbij het herdenken van 4 en 5 mei vanzelfsprekend is, maar je niet begreep als kind waarom je ouders boos werden als je met je vriendjes ‘soldaatje’ speelde. De volgende generaties zullen niemand meer hebben die ze kan vertellen hoe het was of waaraan je kunt zien wat voor psychologische gevolgen een oorlog achterlaat. De generatie van mijn zoon ‘doet er nog wel aan’, maar oorlog is alleen van films en spelletjes en ‘omdat z’n ouders het zo belangrijk vinden’.
Als ik ontdooi in 2157, zal de Tweede Wereldoorlog iets zijn dat alleen op Wikipedia te vinden is, via een geïmplanteerde chip in de hersenen. Wij herdenken de 80-jarige oorlog ook niet meer – die trouwens 68 jaar duurde, door een wapenstilstand van 12 jaar en nog steeds de 80-jarige oorlog heet. Ik bedoel maar.
Ik betwijfel of in 2157 nog herdacht wordt hoeveel slachtoffers er vielen, hoe vreselijk barbaars en gruwelijk mensen werden afgeslacht vanwege geloof, uiterlijk of omdat ze zich anders gedroegen dan de massa, hoe mensen hun identiteit werden ontnomen en gestript van alle menselijkheid in een kuil werden gegooid, hoe ziek de mensheid is en hoe onnozel men in onze eeuw dacht over vrijheid.
Wat voor waarde heeft vrijheid voor jou, als jij anderen geen vrijheid ‘gunt’? Wie ben jij om te bepalen welke vrijheid een ander wel of niet mag hebben? Wat maakt jou een bevrijder als jij anderen beperkt in hun vrijheid? Waar is jouw menselijkheid als je blind bent voor het lijden van anderen? Wat heeft vrijheid voor betekenis als je geen respect hebt voor anderen? Wat heeft het vieren van de bevrijding voor zin, als je niet stilstaat bij datgene waarvan je werd bevrijd? Kun je een oorlog, zijn daders, slachtoffers en burgers veroordelen met de normen en waarden die als gevolg van die oorlog zijn ontstaan?
Ik vrees dat in 2157 de Tweede Wereldoorlog niet meer herdacht wordt. Tegen die tijd zullen nieuwe helden en slachtoffers van een versere oorlog herdacht moeten worden.

662 totaal aantal vertoningen, geen vertoningen vandaag