Opruimwoede

Casper stapt geluidloos de slaapkamer binnen. Schuifelend langs de rand van het bed telt hij het aantal passen naar zijn kant van de onverlichte kamer. De pijnlijke blauwe plek op zijn scheenbeen herinnert hem nog aan misrekening na de vorige ruzie. Zachtjes hijgend van de klim naar boven, ontknoopt hij zijn blouse en broek en schuurt zachtjes tegen de muur.
De ruzie was fel geweest, hij had met dingen gegooid, zoals hij vaker deed. Iris vergaf hem altijd.
Vloekend struikelt hij over een onverwacht obstakel naast het bed. Niet bij zinnen om zichzelf op te rapen, valt hij op de grond in een diepe slaap.

Iris hoorde hem zwaarhijgend de slaapkamer binnengaan. Casper kon nooit zachtjes doen, zeker niet als hij met de jongens had gedronken en hij in een kwade bui was. Toen ze het gekraak van de bovenste trede hoorde, had ze het dekbed nog verder over zich heen getrokken. Ze was ondertussen gewend om in de logeerkamer te slapen, na de zoveelste ruzie.
Ze hoorde hoe hij tegen de muur botste, waarschijnlijk in een poging zich van zijn kleding te ontdoen en voelde de houten vloer trillen toen haar aanstaande ex over de ingepakte koffers struikelde. Morgen begon de grote schoonmaak.

513 totaal aantal vertoningen, 2 aantal vertoningen vandaag