Tagarchief: Microhelp

Schaamteloos

Daar ligt hij, nog steeds. Onder een deken van sneeuw. IJspegels aan zijn baard.

Gisteren lag hij op hetzelfde bankje. Zou hij hulp nodig hebben?

Normaal gesproken loop ik met een grote boog om dat soort mensen heen, of kijk ik toevallig net op mijn telefoon naar niet bestaande berichtjes terwijl ik ze passeer. Zolang ik hen niet zie, zien zij mij ook niet.

Achter de man schraapt een opgeschoten tiener met zijn handen over de rugleuning en houdt de verse sneeuw in de kom van zijn handen. Een maat van hem stopt er nog iets in, maar ik kan niet goed zien wat het is. Met een grijns op zijn gezicht draait de jongen de sneeuw in zijn handen tot een sneeuwbal en strijkt er een aantal keren over. De witte glans verdwijnt als sneeuw voor de zon. Schichtig om zich heen kijkend loopt de jongen om het bankje.

Voordat ik doorheb wat er gebeurt, gooit hij de sneeuwbal vol in het gezicht van de man en rent hard weg zijn maat achterna.

De man komt langzaam overeind, zijn handen voor zijn gezicht houdend. De deken van sneeuw valt voor zijn voeten op de grond.

Ik zet een stap naar voren om de jongens achterna te rennen, maar verlies mijn grip als ik op een bevroren plas stap. Zwaaiend met mijn armen val ik achterover en land met mijn hoofd op de straattegels.

Wanneer ik mijn ogen open, staar ik naar een bebloede baard.

‘Meneer, heeft u hulp nodig?’

Vind jij dit microverhaaltje leuk? Klik hier om naar Sweek te gaan en klik op like. Bedankt!

 271 total views,  18 views today

Uitzichtloos (microverhaal)

Dag 5

Ochtend
Het is rustig op straat. Te rustig. Een auto reed voorbij, stopte voor het huis aan de overkant en reed weer verder. De vrouw die uitstapte liep nonchalant naar de voordeur en keek achterom. Zag ze mij? Ze klopte drie keer op de deur in een vreemd ritme en werd binnengelaten. Kort daarop hoorde ik het gegil van kinderen. Ik vertrouw het niet, maar wat kan ik doen? Moet ik om hulp bellen? Komt er nog wel hulp?

Middag
Steve ging naar buiten om het afval weg te brengen. Het leek een eeuwigheid te duren voordat hij weer terug was, of gaat de tijd trager in quarantaine? Ik vroeg hem of de wereld er anders uitzag buiten. Of er veel veranderd was. Of de lucht anders rook. Volgens hem niet, maar dat kan niet waar zijn. Er klopt iets niet. Hij is veranderd.

Avond
Ik had gelijk. Er klopte iets niet. Ik had het moeten zien, die blik in zijn ogen. Dezelfde staar als de vrouw aan de overkant. Alsof hij er niet meer was. Nu is het laat. Wat gebeurt er daar buiten? Wat is dit voor virus?
Ik probeerde hem te stoppen toen hij mij vanuit het niets aanviel. Ik wilde hem niets aandoen, maar dit was mijn man niet meer. Ik kon niet anders. Mijn god, de kinderen.

Bekijk dit verhaal op Sweek:

 312 total views,  6 views today